Het verhaal van Ruben, een dierenwinkelratje van nauwelijks drie weken oud bij verkoop.....

Onderstaand verhaal is waar gebeurd. Ruben woont momenteel in Rotterdam met twee ratjes bij zijn vrouwtje en doet het erg goed. Hij is gezond en groeit nog steeds goed. Ruben heeft ontzettend veel geluk gehad, denk ik.

Hallo allemaal,

Ik ben Ruben (een agouti ratje) en ik ben geboren in Rotterdam in een dierenwinkel. Mocht je willen weten waar, dan mag je het vragen aan de baasjes van mijn pleegmama. Zij weten precies waar ik vandaan kom. Toen ik bij mijn pleegmama kwam, was ik nog maar net 30 gram. Toen ik in de rattery aankwam, was ik veel te klein. Nu ben ik een sterke rat.

Ik heb een fijne tijd met mijn moeder gehad totdat het opeens gedaan was met de fijne tijd bij mijn moeder. Ik werd weggeplukt samen met mijn broertjes en zusjes bij mijn mama en moest het zelf maar zie te rooien, want ik kon 'zelf eten' (wat ik nog maar net geleerd had....) We hoopten nog dat we terug zouden mogen naar onze moeder, maar dat was niet zo. Elke dag die er daarna kwam zat er een ratje minder, want 'die kleine ratjes waren zo lief' volgens de klanten van de winkel. Ze dachten er niet aan dat dit de reden is dat we zo vroeg bij onze mama weggehaald zijn.... Daarom vertel ik u mijn verhaal. Misschien dat u dan voortaan niet meer gaat voor hele kleine ratjes en misschien zelfs wel alleen nog maar ratjes haalt bij mensen die hart hebben voor ons 'kleine beestjes'... Daar kwam ik bijna te laat achter. Ik wou maar dat ik daar geboren was en niet bij die meneer in de winkel die 'ons wel groot genoeg vond om verkocht te worden'...

In de winkel woonden we in een doorzichtige bak. We konden meerder rare dieren zien. Vriendje konijn en cavia, gewoon omdat iedereen ze zo noemde. Cavia had een lief kopje kon heel vrolijk fluiten en was me vaak aan het opvrolijken met zijn gefluit. Dat had ik nodig ook want ik kon niet goed eten en was vaak erg moe.

Kort daarna ben ik meegegaan met een hele lieve mevrouw met een klein meisje.

Een week later gingen we naar een plekje toe waar allemaal aardige ratten woonde, mijn vrouwtje noemde het 'een rattery'. Ik mocht twee vriendjes uitkiezen, maar zover kwam het niet eens. Na even knuffelen daar mocht ik bij een grote rat die wel op mijn moeder leek. Ik zag allemaal jonge ratjes die gewoon nog bij hun moeder woonden. Ze waren net iets jonger als ik was. Ik werd meteen aan mijn nekvel erbij getrokken en gewassen. Het leek wel alsof ze me gelijk mocht. Drinken ging moeizaam omdat ik te verzwakt was om hard genoeg te piepen. Ook daar had de mevrouw van de rattery een goede oplossing voor. Binnen twee minuten zat ik aan heerlijke warme zoete melk waar ik al snel meer energie van kreeg. De aardige ratteryvrouw noemde het geitenmelk met druivensuiker. Het was iig lekker zoet. Al gauw had ik genoeg enerie om hard mee te piepen en zo toch melk te krijgen. Ik heb een paar dagen lang het beste plekje gehad. Vanaf dat moment werd ik elke dag sterker, leerde ik spelen met mijn nieuwe broertjes en zusjes en ging ik alles ook meer snappen. Ik mocht opnieuw leren wat het was om een 'rat' te zijn. Mijn vachtje was dof toen ik kwam en ik had al wat achterstand opgelopen door de week die ik alleen gezeten had, maar na een paar dagen begon mijn vachtje weer te glimmen en na een week begon ik aan te komen. Volgens mijn 'tijdelijke vrouwtje' kwam dat omdat ik tekorten had opgelopen, die ik toen pas begon in te lopen. Als ik nog een paar dagen bij mijn echte vrouwtje was gebleven, dan had ik je dit verhaal niet meer kunnen vertellen. Nu wel en ik doe het ook, omdat ik op wil komen voor mijn mede-ratjes die op dezelfde manier verkocht worden.

Na twee weken bij mijn pleegmama ging ik met mijn nieuwe broers in een grote speelbak en kwam mama nog twee keer per dag op bezoek, dat was een feestje.We mochten dan melk drinken. Verder mochten we heerlijk eten uit ons voerbakje. Na een paar dagen bleven de maaltijden van pleegmama ineens weg. Geen probleem, het voer in het voerbakje was goed genoeg. We kregen zelfs meer lekkers. Heerlijke broodkapjes en fruit. Geweldig smaakt dat.

Na drie weken mocht ik weer met die aardige mevrouw en het kleine meisje mee. Er was alleen iets veranderd. Er woonde ineens nog twee andere ratjes in mijn hok. Ze waren al iets groter als ik maar gelukkig speelde ze erg graag. Al snel waren we goede vrienden. Ik ben nog steeds de kleinste maar wel een dappere vechter. Als ik slaap, dan houd ik altijd een oogje half open. Ik denk dat ik doe omdat ik graag alles in de gaten houd. Misschien heb ik dat wel overgehouden aan mijn tijd in de dierenwinkel? Mijn vriendjes hebben daar helemaal geen last van. Die zijn er aan gewend dat hun voerbakje altijd vol is en dat ze zich nergens druk om hoeven te maken. Misschien leer ik dat ook nog wel, maar voorlopig ben ik nog even wie ik ben. Ik ben blij dat ik leef en ik ben mijn vrouwtje zo dankbaar dat ze me naar de rattery gebracht heeft waar mijn pleegmama me alles geleerd heeft. Ik was veel te jong om op eigen pootjes te gaan, ik had nooit zo vroeg weggehaald mogen worden bij mijn moeder. Mijn vriendjes zijn pas verhuist toen ze vijfeneenhalve week oud waren en ruim 75 gram wogen. Ik was veel te licht toen ik bij mijn vrouwtje kwam....

Einde verhaal.

Ruben kon dit verhaal gelukkig nog navertellen. Ik denk dat hij bij verkoop nauwelijks nog maar net drie weken oud geweest zal zijn. In de week na aankoop heeft hij flink ingeleverd. We verwachten dat hij in deze tijd zijn hoofd maar net aan 'boven water heeft kunnen houden', met flinke inlevering van spierkracht.

Hoe vaak gebeurt het dat een jonge rat na een week ineens dood is. In dit geval dacht een dierenwinkel dat deze rat zelfstandig genoeg was om hem te verkopen. Eénmaal bij ons thuis bleek anders. Hij had al zoveel achteruitgang dat we hem eerst zelf de fles moest geven omdat hij te zwak was om te drinken bij ons pleegmoedertje. En dat ondanks dat het moedertje hem gelijk goed accepteerde. Hoe ver heb je het dan geschopt bij een jonge rat? In de eerste week hebben we hem nog éénmaal per dag extra bijgevoed en toen hadden we zelfs onze twijfels of hij het zou redden of niet. Het hing van Ruben zelf af en hij heeft zijn kansen gegrepen. Ik mag hopen dat dit soort situaties ooit een keer stopt te bestaan.



Ruben, augustus 2011



En de maatjes van Ruben: Puka en Ponjo

UPDATE 15 januari 2012: Ruben is uitgegroeid tot een sterke levenslustige stabiele rat, die het goed doet met zijn (overgebleven) maatje. Helaas is één van zijn vriendjes recent overleden. Hiervoor in de plaats is het siameesje gekomen, die teruggekomen was en naar een ander baasje uitgeplaatst mocht worden. Tijdens de zomervakantie bleek hij het goed te kunnen vinden met Ponjo en Ruben en zo is Puka in het groepje erbij gekomen.

In het begin (toen ik Ruben als ukkie van een paar weken oud hier opgevangen heb) heb ik wel eens gedacht dat hij iets over zou houden aan zijn achterstand, maar nu blijkt dat hij zijn achterstand dik ingelopen heeft. Geweldig mooi om te zien! En toch dringt de vraag zich op of je het desondanks dan toch maar ratjes uit een winkel moet halen? Ik vind zelf dat het een minder goede optie is, omdat ratjes vaak te jong bij de moeder weggehaald worden. Sommige kunnen nog niet eens goed zelf eten (net zoals Ruben) en hebben hun moeder nog veel te hard nodig. Het heeft daarom zeker niet mijn voorkeur. Een rattery of fokker die netjes met zijn of haar dieren omgaat, doet dat in de regel (en dat is vervolgens aan u om te bepalen of dat ook zo is; door goed te kijken wat u ziet bij betreffende rattery of fokker en vragen te stellen) veel netter.

Gewicht vertelt trouwens wel iets van een inteeltfactor in een foklijn of niet. Niet in alle gevallen, maar het is wel degelijke een indicator op een gezonde foklijn. Let u hierop alstublieft?

 

 

 

©2012 updated by Rattery Rivka